Nieuwe spiritualiteit

Zoeken naar onderwerpen in meer dan 100 christelijke websites

transparant.jpg
Open zoekscherm

Door drs. Martie Dieperink

REINCARNATIE

Bijna alle New Agers geloven in reïncarnatie: we zouden reeds meerdere malen op aarde geleefd hebben; iedere keer opnieuw zouden we als baby geboren worden. Na een lezing kwam er een keer een man op me af die voor de grap zei: “Ik geloof niet in reïncarnatie. Daar heb ik in mijn vorige leven al niet in geloofd en daar zal ik in mijn volgend leven ook niet in geloven.” Voor velen gaat het echter om een bloedserieus idee.

 

Vorige levens

In India waar deze leer heel gewoon en wijdverbreid is, vindt men dit idee van reïncarnatie helemaal niet aantrekkelijk. Het feit dat men steeds weer op deze aarde geboren wordt, beschouwt men als een zware last. Verlossing betekent in hindoeïsme en boeddhisme daarom ook dat men niet meer op aarde hoeft terug te komen.

Toch is voor veel westerlingen reïncarnatie een aantrekkelijk idee en steeds meer mensen geloven erin. Het is op zichzelf wel te begrijpen dat in het moderne westen reïncarnatie niet meer als een last, maar eerder als een kans wordt beschouwd. In India is het aardse leven vaak vol pijn en moeite en dan kan men snakken naar verlossing uit het aardse leven. De moderne westerse mens heeft het vaak goed in een omgeving vol comfort en luxe en dan wil je nog wel een keer terugkomen.

 

Het is begrijpelijk dat moderne mensen die hun geloof in de christelijke toekomstverwachting verloren hebben, hun toevlucht tot een alternatieve toekomstverwachting nemen. Tenslotte wil de mens graag het idee hebben dat hij verder leeft. Voor velen is een eeuwig leven in de hemel niet langer aantrekkelijk. Wat vooral afschrikt is het idee dat één leven beslissend is voor de eeuwigheid. Het oordeel van God vindt men angstaanjagend. Dan lijkt het toch mooier dat we steeds weer een nieuwe kans krijgen.

De leer van de reïncarnatie is verbonden met het idee van karma: de wet van oorzaak en gevolg. Als we goed handelen is ons volgend leven beter, en als we slecht handelen, is ons volgend leven slechter.

Ds. Stolp spreekt heel positief en aantrekkelijk over de wet van het karma.

“Karma wordt ook wel de wet van genade genoemd, omdat ons in de overwinning op negatieve drijfveren in ons (die in een vorig leven de wet van oorzaak en gevolg in beweging brachten) verlossing en vergeving geschonken wordt….

Daarnaast is karma geen ijzeren wet: wanneer de mens zich richt op de liefde van God, daaruit put en daaruit leeft, dan voegt dat ‘een factor toe aan de rekening en verantwoording van het lot, waardoor de uitkomst anders wordt.’” [73]

Dit lijkt allemaal wel zo mooi, maar er wordt te weinig rekening met de realiteit gehouden. Stel dat ons leven nu op een mislukking uitloopt. Ikzelf kwam ook op de puinhopen van mijn leven terecht. Dan hebben we er de volgende keer nog last van. Dan moeten we onze fouten uitboeten. Wijlen pater Karel Douven vertelde een keer voor de TV dat hij last had van astma, omdat hij in zijn vorige leven bij de inquisitie was geweest. Deze schuld uit zijn vorige leven moest hij nu uitboeten. In een christelijk  jongerenblad las ik dat, als je met een verlamd been wordt geboren, dat komt omdat je in een vorig leven zelfzuchtig bent geweest. Dan heb je wat in orde te maken. Dit is wel degelijk een keiharde leer. Er is niet werkelijk sprake van genade. Zoals we hebben gezien, kan men een valse geest herkennen aan de hardheid. Je moet zelf alles in orde maken, en als dat niet lukt, is er geen hoop en troost. Dat je in een vorig leven een beroemd persoon bent geweest, lijkt nog wel een interessant idee. Maar ook problemen kun je uit vroegere levens meekrijgen. Zo las ik dat, als je als vrouw in een lift bang bent, de oorzaak kan zijn dat je in een vorig leven in een donkere ruimte verkracht bent. Er bestaat zelfs een regressietherapie, waarbij je onder hypnose naar zogenaamde vorige levens wordt teruggevoerd om de oorzaak van je problemen op te sporen.

 

Hemel en hel

HelEr zijn steeds meer christenen die menen dat ze reïncarnatie en christelijk geloof kunnen combineren. De voorstelling van een eeuwige hemel en hel na dit leven moet wijken voor een herhaaldelijke terugkeer naar de aarde. Bekende propagandisten van deze leer zijn ds. Hans Stolp en Aleid Schilder en was ook wijlen pater Karel Douven. Laten we onderzoeken waarom ds. Hans Stolp het geloof in de hemel en de hel heeft verwisseld voor de leer van de reïncarnatie. Hij is nog wel opgegroeid met de traditionele kerkelijke leer omtrent hemel en hel. Hij schrijft:

“De voorstelling die ik als kind meekreeg was die van de hemel en de hel, waar wij na onze dood voorgoed zouden belanden. Had je je best gedaan en kwam je in de hemel, dan zou God je alles vergeven wat je verkeerd gedaan had en mocht je, van alle fouten zoals scheefgroei, nare karaktertrekken enzovoort bevrijd, voorgoed bij God wonen. Had je daarentegen niet je best gedaan dan kwam je in de hel, waar je voor eeuwig in het vuur zou branden. Hemel en hel waren dan ook een eindstadium.

De katholieken kenden – anders dan de protestanten – nog een tussenstadium: het vagevuur. Wie in het vagevuur terechtkwam, kon van daaruit na verloop van tijd alsnog in de hemel terechtkomen.

Bij die oude voorstelling van een hemel, hel en vagevuur paste helemaal niet de gedachte aan een terugkeer naar de aarde om er een volgende levensles op te doen.” [74]

Het is vreemd dat hij zo de nadruk legt op het feit dat je zèlf je best moet doen om in de hemel te komen. Het eeuwige leven in de hemel is een genade van Godswege, mogelijk gemaakt door het verlossingswerk van Jezus Christus. Maar juist dit laatste stoot hem af. Het moet allemaal niet te gemakkelijk gaan. Liever zwoegt hij levenslang om op zijn bestemming te komen. Hij schrijft:

“Zo groeide er een breuk tussen die oude opvatting, dat God mij na mijn dood met een handomdraai zal genezen van al mijn tekortkomingen, al mijn fouten en mijn onvolmaaktheden (en ik voel wel aan, dat er nog heel veel in mij groeien moet, wat mij nu nog volkomen ontbreekt) en mij tot volmaaktheid zal omvormen. Zó gaat het dus niet. Ik moet zélf de stappen zetten, waardoor ik liefdevoller, rijper en wijzer word en daarom heb ik ook zoveel levens nodig.” [75]

Stolp beseft niet dat hij het allerkostbaarste geschenk dat God de mens kan geven: het eeuwige leven, achteloos wegwerpt. Hij denkt ook wel erg zwart-wit over de hemel. Het is toch ook denkbaar dat we ook in de hemel mogelijkheden tot groei hebben. Het leven in de hemel hoeft niet zo eentonig te zijn als hij denkt.

 Hemel

Bijna-doodervaringen

Ds. Stolp beseft waarschijnlijk niet dat het feit dat hij een bestaan in de hemel van de hand wijst, samenhangt met het moderne levensgevoel dat meer rekening houdt met het “hiernumaals”, het hier en nu, dan met het hiernamaals. De leer van de reïncarnatie kent weliswaar ook een bestaan in de hemel of hel na dit leven, maar dat is slechts tijdelijk. Het gaat erom hoe het volgende leven op aarde zal zijn. Terwijl reïncarnatie dus nog wel met een hiernamaals rekent, zijn er tegenwoordig genoeg mensen die helemaal niet meer in een hiernamaals geloven. Ze menen dat met de dood alles is afgelopen. Er zijn echter veel voorkomende ervaringen die erop wijzen dat het met de dood niet is afgelopen: de bijna-doodervaringen. Vaak hebben mensen bijzondere ervaringen als ze klinisch dood zijn. De verhalen die men in de literatuur vindt, lijken veel op elkaar. Zo ervaart men dat men uit het lichaam treedt en van boven af op het eigen lichaam neerkijkt. Meestal gaat men door een tunnel met aan het einde daarvan een prachtig licht. Men ontmoet daarbij vaak engelen of gidsen die de mensen rondleiden. Wat deze mensen zien, is vaak zo prachtig dat ze alles wat hen lief is, gemakkelijk los zouden kunnen laten. Na deze ervaringen hebben mensen geen angst voor de dood meer.

Deze ervaringen wijzen erop dat er werkelijk een hemel bestaat.  Maar wat te denken van de hel? Is het niet overdreven om in een hel te geloven? We zijn toch allen op weg naar dit wonderbaarlijke licht? Zo denkt in ieder geval de paranormale genezer Van der Heide erover. De meeste auteurs, zoals bijvoorbeeld Elisabeth Kübler Ross, schrijven positief over bijna-doodervaringen, maar er bestaan ook getuigenissen van mensen die angstaanjagende ervaringen hebben gehad. Zij kwamen in een plaats terecht van diepe duisternis en onbeschrijflijke eenzaamheid, waar wel andere mensen waren, maar er was geen liefde. Christine Eastell, die zo’n negatieve bijna-doodervaring heeft meegemaakt, vertelde in een televisieprogramma dat zij in een duistere “put” werd weggevoerd, waar ze zich met geen mogelijkheid tegen kon verzetten. Zij voelde een kwade aanwezigheid rondom haar. Zij omschreef dat het daar als het ware “extra donker” was. Zij begreep absoluut niet waarom zij het had verdiend om daar terecht te komen. Ze had een heel normaal leven geleid, had niemand kwaad gedaan en zij geloofde dat God bestaat. Zulke ervaringen zijn reëel!

(In mijn New-Age tijd heb ik ook niet meer in het bestaan van een hel geloofd, maar juist in die tijd kreeg ik zulke helse ervaringen, speciaal in dromen, dat ik wel moest toegeven dat er inderdaad een hel kan bestaan.)

Volgens de getuigenissen komt men bij een grens waar men niet overheen mag; men weet dat men niet meer terug kan, als men daar overheen gaat. Zulke ervaringen zeggen dus in wezen niet alles over onze uiteindelijke bestemming, maar ze wijzen er wel op dat de hemel en de hel wel degelijk bestaan.

In de Bijbel vinden we een prachtige positieve bijna-doodervaring, als we die zo mogen noemen. Wanneer Stefanus gestenigd wordt, ziet hij, voordat hij sterft, de hemel geopend.

“Maar vervuld van de Heilige Geest sloeg Stefanus zijn ogen op naar de hemel, en hij aanschouwde de glorie van God en zag Jezus staan aan Gods rechterzijde. ‘Zie, de hemel is open’, zei hij, ‘en ik zie de Mensenzoon staan aan de rechterzijde van God’” (Hand. 7:55,56).

Veel christenen hebben vlak voor hun dood een teken van God gekregen dat ze naar de hemel gingen. Zul je dan ooit nog naar de aarde terugwillen?

Als er inderdaad een hiernamaals bestaat, heeft dan consequenties voor onze visie op zelfmoord en euthanasie. Want dan zijn we door zelfmoord of euthanasie niet zomaar van alles af en dan moeten we overwegen wat de daad om zichzelf te doden of zich te laten doden voor het lot in het hiernamaals betekent. Daarover schrijft dr. Raymond Moody in zijn boek over bijna-doodervaringen Leven na dit leven het volgende naar aan leiding van een vraag over het gevolg van een poging tot zelfmoord:

“Inderdaad zijn mij enkele gevallen bekend waarin een poging tot zelfmoord de oorzaak vormde van de ‘dood’. Deze ervaringen werden eenstemmig als onplezierig gekenschetst.

Zoals een vrouw zei: ‘Als je hier als een gekwelde ziel vandaan gaat, zul je ook daar een gekwelde ziel zijn.’ Kort gezegd, ze vertellen dat de conflicten waar ze door hun zelfmoord aan wilden ontsnappen bij hun dood nog steeds aanwezig waren, met nog meer complicaties dan voorheen. In hun ontlichaamde toestand waren ze niet in staat om ook maar iets aan hun problemen te doen en ze moesten ook de onfortuinlijke gevolgen van hun daad onder ogen zien.

Een man die diep wanhopig was over de dood van zijn vrouw schoot zichzelf neer, ‘stierf’ als gevolg daarvan, en werd weer tot leven gewekt. Hij verklaart:

Ik ging niet echt naar waar mijn vrouw was. Ik kwam in een afschuwelijk oord terecht… Ik zag dadelijk in, wat voor een fout ik had begaan… Ik dacht: ‘Ik wou dat ik het niet gedaan had.’

Anderen die in dit onplezierige oord hebben vertoefd, zeiden me dat ze het gevoel hadden dat ze daar lange tijd zouden verblijven. Dat was hun straf voor het ‘overtreden van de regels’, het zich voortijdig onttrekken aan wat in feite een ‘taak’ was – de taak een zeker levensdoel inhoud te geven.

Zulke opmerkingen komen overeen met hetgeen mij is verteld door verschillende mensen die weliswaar aan andere oorzaken ‘stierven’, doch niettemin zeiden dat hun, in die toestand, te kennen was gegeven dat zelfmoord een zeer ongelukkige daad was die ernstig gestraft werd.” [76]

Dit komt dit overeen met wat de Bijbel over (zelf)moord zegt als een overtreding van een van de tien geboden van God. Ik zou niet willen oordelen over gevallen van zelfmoord waarbij mensen niet toerekeningsvatbaar waren daar zij bijvoorbeeld psychotisch waren. God oordeelt barmhartig..

Na deze excursie naar het hiernamaals gaan we terug naar de leer van de reïncarnatie.

 

De oorsprong van de leer van reïncarnatie

De grote vraag is hoe men aan dit idee is gekomen. Voor ds. Hans Stolp gaat het simpel om een vanzelfsprekend idee. Hij weet gewoon dat het waar is. In werkelijkheid betekent deze vanzelfsprekendheid dat hij kritiekloos een intuïtie volgt, zonder zich kritisch af te vragen of reïncarnatie eigenlijk wel kan bestaan. (Vroeger nam ik ook vanzelfsprekend aan dat ik in een vorig leven in India had geleefd. Ik verklaarde zo mijn interesse voor India

Demon

. Nu weet ik dat ik deze interesse ook op een andere manier kan verklaren en dat dit idee simpel een fantasie was.) Maar waar komt deze fantasie dan vandaan?

Oosterlingen zeggen dat ze zich in diepe meditatie, als ze in trance zijn, vorige levens gaan herinneren. Zo kon de Boeddha na zijn verlichting zich een dertigtal vorige levens herinneren. Ook brengt men cliënten, zoals bij de regressietherapie, onder hypnose. Hypnose is een vorm van trance. Op een bepaald moment gaan ze dan, als ze in trance zijn, over vorige levens vertellen, die ze gehad zouden hebben. Jaren geleden werd er op de TV een film vertoond over enkele vrouwen die onder hypnose werden gebracht en zich dan zogenaamde vorige levens konden herinneren. Wat ze over hun vorige leven vertelden, werd gecontroleerd en het een en ander daarvan bleek waar te zijn. Dat werd als een bewijs gezien dat reïncarnatie inderdaad besta

at. Maar is dat waar? Het gebeuren leek precies op een spiritistische seance. De vrouwen begonnen ook met een andere stem te spreken, hetgeen erop wijst dat er een andere geest door hen sprak. Men kan de vraag stellen: kan de stem die spreekt, niet de stem zijn van de persoon die men in het vorige leven was? Nee, dat kan niet, want volgens de leer van de reïncarnatie desintegreert de oude persoonlijkheid en ook de stem blijft niet bestaan.

Als mensen in trance zijn of onder hypnose worden gebracht, zijn ze uiterst gevoelig voor invloeden vanuit de verkeerde geestenwereld. Ik denk dan ook dat er waarzeggende geesten door hen heen gingen spreken. Boze geesten zijn vaak waarzeggende geesten, die het een en ander aan informatie doorgeven, ook over het verleden. Niet alles is bedrog in zo’n experiment. De proefpersonen krijgen wel degelijk beelden uit het verleden en die beelden kunnen waar zijn. Er is helderziendheid in de toekomst, maar ook in het verleden. De vraag is alleen door welke geest in dit geval die helderziendheid veroorzaakt wordt. We kunnen van God een openbaring ontvangen, maar ook door de Boze bedrogen worden. We hebben geleerd dat we bedrogen kunnen worden, als we door een techniek contact zoeken met de onzienlijke wereld. Zo is het mogelijk dat een demon aan de proefpersoon informatie doorgeeft over een persoon uit het verleden, die werkelijk heeft geleefd. Nu is het merkwaardige dat men denkt dat men in een vorig leven die persoon zelf is geweest. We kennen het verschijnsel van de identificatie. Men identificeert zich met iemand die men zelf niet is. Bekend is de persoon die denkt dat hij Napoleon is. Ik geloof dat zo’n identificatieproces aan het gevoel ten grondslag ligt dat men in een vorig leven een bepaald persoon, bijv. Napoleon, is geweest. Die suggestie legt een demon op je.

Nog frappanter dan deze sessies zijn de verhalen van kinderen – een beroemd geval is Santi Devi in India – die spontaan over een vorig leven vertellen en daarover nauwkeurige informatie doorgeven. Je zou bijna in reïncarnatie gaan geloven. Maar ook zulke gevallen kunnen aan bezetenheid te danken zijn. Ik heb ook gelezen dat zulke kinderen daardoor in hun leven onder een zware last gebukt gaan, hetgeen wijst op het werk van een kwade geest.

 

Reïncarnatie en de  Bijbel

Er worden tegenwoordig krampachtige pogingen ondernomen om de leer van reïncarnatie in de Bijbel terug te vinden. Volgens ds. Hans Stolp gaat het om een esoterische lering die door Jezus en de apostelen in het geheim werd doorgegeven, bij de oude gnostici in de kerk bekend waren, maar later door de officiële kerk (ten onrechte) is afgewezen. Hij beroept zich o.a. op het feit dat Jezus bepaalde dingen alleen aan zijn discipelen uitlegde. Dat is waar, maar dat wil niet zeggen dat het hierbij om esoterische leringen en in het bijzonder om reïncarnatie ging. Het is een vreemde gedachtegang van Stolp, want het idee van reïncarnatie was in India vanouds aan iedereen bekend, en het ging hier helemaal niet om een esoterische lering. Waarom zou het dan in het Nieuwe Testament wel een esoterische lering zijn?

Zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament is het idee van reïncarnatie onbekend. We hebben slechts één leven en dan volgt het oordeel (Hebr. 9:27).

Men komt met het “bewijs” aandragen dat Johannes de Doper de teruggekeerde Elia is. Maar de engel des Heren zegt alleen: “Johannes zal voor God uitgaan in de geest en de kracht van Elia” (Luc. 1:17). Bovendien verschijnt Elia op de berg der verheerlijking en hij is dus niet gereïncarneerd.

De leer van de reïncarnatie is volledig in tegenspraak met het Evangelie. Om een paar punten te noemen:

  • De Bijbel waardeert de individualiteit van de mens zozeer dat we, zoals we nu zijn, het eeuwige leven mogen beërven. Maar in de leer van de reïncarnatie telt de individualiteit niet; de huidige persoonlijkheid desintegreert na de dood en in het z.g.n. volgende leven worden we  iemand anders. 
  • Reïncarnatie is een reis naar het onzekere. Als christen weten we daarentegen waar we heen gaan. Jezus heeft voor ons een eeuwige plaats in de hemel bereid. 
  • Gods Zoon heeft zelf onze schuld betaald aan het kruis. In diepste wezen ontkent de leer van reïncarnatie het verlossingswerk van Jezus Christus. Het verlossingswerk is door Hem volbracht. Wij hoeven niet levens lang te zwoegen om verlost te worden. We mogen de verlossing als genade ontvangen.

Het is de geest van de antichrist die het verlossingswerk van Jezus Christus loochent en de mens deze heilloze fantasie voortovert.

 

 

[73]  P. van Kampen. Liefde tot de leegte, Zoetermeer: Boekencentrum, 1995, p. 106.

[74]  Hans Stolp. Karma, reïncarnatie en christelijk geloof, Baarn: Ten Have, 1996,  p.7.

[75]  id., p. 15.

[76]  Dr. Raymond A. Moody.  Leven na dit leven,  Strengholt, 1982, p.111,112.

© paranormal-ministry.com – Martie Dieperink