Nieuwe spiritualiteit

Zoeken naar onderwerpen in meer dan 100 christelijke websites

transparant.jpg
Open zoekscherm

beneath

Door drs. Martie Dieperink

Door de Maharishi, een Indiër, die in Nederland, in Vlodrop, woonde, en de goeroe is van de Transcendente Meditatie (T.M.) werd ons een mooie belofte gedaan: we hoeven per dag maar twee keer twintig minuten te mediteren en dan breekt voor ons het paradijs, de tijd van de grote verlichting aan. Als er wereldwijd een bepaald aantal mensen gaat mediteren, dan zal de hemel op aarde komen.

We hebben in een vorig artikel geleerd dat mooie beloften die niet waar gemaakt worden, uit de koker van demonen komen. We zien in de praktijk dat mensen, die er vol verwachting aan begonnen, negatieve ervaringen hebben opgedaan. Van mensen die aan T.M. hebben gedaan heb ik vernomen, dat velen met psychische klachten afhaken of zelfs zelfmoord hebben gepleegd.

Toch zegt de Maharishi dat het om een neutrale ontspanningstechniek gaat die door iedereen beoefend kan worden, ongeacht de religieuze achtergrond. Maar we hebben hierboven gezien dat oosterse meditatie niet neutraal is, maar uitgaat van principes die haaks op het christelijk geloof staan. Dat geldt ook voor de T.M. De Maharishi verzwijgt dan ook belangrijke achtergrondinformatie.

 

De inwijding

Wil de meditatietechniek effectief zijn, dan moet men worden ingewijd. De meeste mensen die aan T.M. beginnen, beseffen helemaal niet wat ze meemaken. In werkelijkheid gaat het om een puja. Daarover vertelt Rolf Wennekes het volgende:

”Iedere vorm van offerande of puja is hecht verweven met het dagelijkse leven van de hindoe. Zij neemt in zijn leven op de cruciale momenten een belangrijke plaats in en verzekert hem in beslissende levensfasen, zoals geboorte, naamgeving van de pasgeborene, huwelijk en dood, van de kracht van zijn spirituele mentor (goeroe) of de gekozen godheid (ishtadevata). De oosterling wordt vanaf zijn geboorte vertrouwd gemaakt met inhoud, betekenis en functie van de puja die in zoverre een lange traditie heeft daar het principe van offeren teruggaat op de oud-vedische yajna-gedachte zoals vervat in de Yajurveda: rituele teksten waarmee de zegen van godheden over de mens wordt afgeroepen.” [66]

Een puja houdt dus een offerande in aan Indiase goden en goeroes. Daardoor kunnen goden en geesten worden opgeroepen. Tijdens de inwijdingsplechtigheid worden de overleden meesters van de Maharishi en andere overleden leraren aangeroepen. De grote aanroeping is als volgt:

“Onophoudelijk buig ik mij eerbiedig neer voor Narayana (en andere overleden leraren) enz. Ik buig neer voor de woonplaats van de openbaring, de traditie en de Purana’s, de woonplaats van mededogen, voor de voet van de Eerwaarde, voor Shankara, de wereldbegunstiger. De goedgunstige Meester Shankara enz. prijs ik keer op keer. Bij wiens poort de volledige vergadering der goden ononderbroken om volmaaktheid smeekt, na gebogen te hebben voor de voet van de wereldleraar… en Brahmananda Saraswati (de overleden leraar van Maharshi) de voortreffelijkste van de goeroes, die één en al licht is.”

Men gaat zo deel uitmaken van de religieuze traditie van Indiase goeroes. Een meisje dat werd ingewijd zag dat, terwijl de leraar alle namen in het Sanskriet opriep, één voor één mannen in vreemde kledij met bloemen verschenen in de bewierookte halfduistere initiatiekamer. Dit betekent dat er daadwerkelijk geesten worden opgeroepen.

De inwijdelingen behoren fruit, bloemen en een witte zakdoek mee te nemen. Gewoonlijk beseft men niet dat een dergelijke puja voor de goden bedoeld is. Een van de goden die worden aangeroepen is Shiva, de meester van de yoga, de god van de vernietiging. Als volgt luidt de offerande aan hem:

“Ik buig voor hem die wit is als kamfer, de belichaming van mededogen, de essentie van de samsara, hem die de koning der slangen als halssnoer draagt (Shiva), die gedurig woont in de lotus van het hart, voor Shiva tezamen met Parvati. Ik bied de kamferlicht-ceremonie aan; heil de lotusvoeten van de luisterrijke leraar.” [67]

Omdat de teksten in het Sanskriet zijn, weet de inwijdeling totaal niet dat hij zo contact maakt met de Indiase godenwereld.

 

De mantra

Bovendien krijgt men een spreuk (mantra) mee die men in de meditatietijd moet repeteren om het gewone denken stil te leggen. Zelfs T.M.-leraren weten niet beter of het zou om een neutrale spreuk gaan, maar Rolf Wennekes legt op overtuigende wijze uit dat dit bepaald niet het geval is. Hij schrijft:

“Niet of nauwelijks bekend in T.M.-kringen is, dat de leer van de mantra’s in het klassieke Indiase denken uitvoerig wordt behandeld door de diverse tantra-scholen.” [68]

In werkelijkheid reciteert men het machtswoord van een hindoegod, waardoor men in contact komt met die god. Wennekes schrijft:

“In de klassieke mantrashastra’s wordt een mantra dan ook altijd aan een bepaalde godheid gerelateerd. Mantra’s behoren, aldus Arthur Avalon, tot bepaalde godheden… Voor de hindoeïstische tantristen bewerkstelligen mantra’s de identiteit met de godin; het samensmelten met wat een mantra symboliseert, is het uiteindelijke doel van de mantra.” [69]

Iedere leeftijdgroep blijkt een eigen mantra te hebben. In groep I (4-24 jaar) behoort de mantra tot Saraswati, de godin van de wijsheid. In groep II (25-35 jaar) behoort de mantra tot Lakshmi, de godin van de rijkdom. In groep III (36-45 jaar) behoort de mantra tot Kali, de meest afschuwwekkende godin van het hindoeïstische pantheon. Haar blote lichaam is zwart, zij heeft een ketting van schedels om en staat in een boot op een zee van bloed. In groep IV (46-55 jaar) behoort de mantra tot Bhuvaneshvari, de heerseres van de aarde. Alleen in de laatste groep gaat het om een bestaand woord uit het Sanskriet dat “rust” betekent.

Volgens de Maharishi brengt de mantra de mediterende in contact met een neutrale transcendente toestand. We kunnen echter de goden moeilijk neutraal noemen. We komen niet in aanraking met “iets neutraals”, maar met krachten en machten in de geestenwereld. In de onzichtbare geestenwereld hebben we te maken met machten die of goed of slecht zijn, met engelen en demonen. Iemand die ermee begon, ervoer dat ze heel hard op haar hoofd werd geslagen; dat was zo gauw niet meer te stoppen. Ze ervoer concreet dat men door T.M. onder invloed van demonische machten kan komen.

 

Ervaringen met T.M.

Ik wil nu Harry aan het woord laten die zelf aan T.M. heeft gedaan.

“Omdat ik behoorlijk tegen mezelf aanliep ging ik op zoek naar een methode om rust te vinden in mijn leven. Ik meende dat te vinden in T.M. wat aanvankelijk leek te werken. Maar ik merkte dat je al gauw meer cursussen moest volgen die duizenden guldens kostten. De zgn. rust die je meende te ervaren bracht overigens weinig praktisch resultaat met zich mee.

Hoe verder ik vorderde hoe meer ik me in feite afzonderde van de dagelijkse activiteiten. Ik stond steeds later op, was altijd enorm moe en verlangde voortdurend naar het moment om weer in meditatie te gaan. Naarmate ik meer gevorderde technieken leerde, bemerkte ik dat de mantra’s niet zomaar klanken waren zoals beweerd werd, maar dat het namen van Hindoegoden waren.

Gaandeweg merkte ik dat mijn T.M.-vrienden steeds vaker geestelijk in de problemen raakten. Sommigen moesten worden opgenomen voor psychiatrische behandeling.

Het begon me echt op te vallen hoe velen in de vernieling raakten, dat zette me echt aan het denken: was het wel zo goed, ik was immers ook altijd zo moe. Je hoorde ook van zelfmoorden.

Het keerpunt kwam voor mij toen een vriendin van me geestelijk in de war raakte. Ze moest worden opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, en hoorde alsmaar stemmen en zag voortdurend licht. Een dwingende stem beval haar alsmaar in kringetjes rond te lopen, waardoor ze voortdurend tegen de muur van haar kamer aanliep. Ten slotte, na een miserabel jaar, gebood de stem haar voor een aanstormende trein te springen. Deze verdrietige voorvallen stonden niet op zichzelf, maar je hoorde ze links en rechts van T.M.-ers om je heen. Voor mij was dat de druppel die de emmer van twijfel deed overlopen.

En toch had ik zo’n verlangen naar een geestelijke tegenhanger voor het materialistische leven, er moest toch wat meer zijn. God had mijn roepstem gehoord en liet me precies de juiste passages uit het Nieuwe Testament van de Bijbel lezen. Ik had immers geleerd te mediteren op een klank en was onderwezen in het feit dat in een klank of naam een scheppende kracht schuilde. Toen las ik Filippenzen 2:9 waardoor plotseling alles duidelijk werd en op zijn plaats viel:

‘Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de Naam boven alle naam geschonken, opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen…’

Geen mantra of naam van een vreemde afgod maar de Naam van Jezus, de Messias. Eindelijk had ik gevonden waar ik naar zocht.”

 

Christelijk meditatie

Oosterse meditatie leidt niet tot de Drie-enige God maar brengt ons onder invloed van allerlei machten en krachten die niet van God zijn en ons leven gaan beheersen.

Dr. Kranenborg is niet weg van Transcendente Meditatie, omdat het geen neutrale methode is, maar ziet wel iets goeds in de ontspanning die de T.M. biedt. [70] Als het om gewone ontspanning zou gaan, zou hij gelijk hebben. Maar hij onderkent niet dat we met een bedrieglijke vrede in contact kunnen komen, als we onze geest leegmaken. In het hoofdstuk over de yoga zullen we nader op deze problematiek ingaan.

Dat wil niet zeggen dat ieder stilte en zelfbezinning verkeerd zijn. Christenen houden stille tijd om gemeenschap met God te hebben. Men trekt zich een tijd in stilte terug om de Bijbel te overdenken, te bidden of simpel aan de voeten van Jezus te zitten en naar zijn stem te luisteren. Christelijke meditatie is alleen geen zelfverzinking of een opgaan in het goddelijke, maar is gericht op een persoonlijke relatie met God.

Prof. H. van Straelen is dan ook radicaal van zijn zen-beoefening teruggekomen. Hij weet uit eigen ervaring dat zo'n oosterse meditatietechniek tot geestelijke verwarring leidt en niet te verenigen is met het christelijk geloof. Hij omschrijft als volgt het verschil tussen zen en christelijke meditatie:

"[Christelijk] mediteren is niet het volkomen ledigen van de geest, maar alleen ledigen van dat wat slecht is, om daarna vooral positief te werk te gaan. Alles op God, het goede, richten." [71]

 

 


[66]  Tussen wetenschap en mystiek, p. 69.

[67]  Zie: Tussen wetenschap en mystiek, p. 72,73.

[68]  Id., p. 37.

[69]  Id., p. 58.

[70] Zie: Dr. R. Kranenborg. Transcendente Meditatie, Kampen: Kok, 1977, p.114vv.

[71] Id., p. 12.

 

© paranormal-ministry.com – Martie Dieperink