Nieuwe spiritualiteit

Zoeken naar onderwerpen in meer dan 100 christelijke websites

transparant.jpg
Open zoekscherm

monnekenMartin Kamphuis leefde zeven jaar als boeddhist. Met strenge meditatieoefeningen probeerde hij de 'verlichting' te bereiken. Tijdens een reis door Australië kwam hij tot geloof in Jezus. Nu, ruim twintig jaar later, merkt hij tot zijn grote verbazing dat het boeddhisme een opmars maakt onder christenen.

In zijn studententijd maakte Martin Kamphuis voor het eerst kennis met het Tibetaans boeddhisme. Hij las er veel boeken over en zocht andere geïnteresseerden op. Om zelf ervaring op te doen met deze vorm van boeddhisme reisde hij naar India en ging daar in de leer bij een 'lama', een boeddhistisch leermeester.

De kern van de boeddhistische leer is dat alle leven lijden is, wat veroorzaakt wordt door onze begeerte. Door te sterven aan je begeerte, onder andere door meditatie, zou je uiteindelijk een stadium van verlichting kunnen bereiken. Die weg naar verlichting is bepaald niet gemakkelijk, merkte Martin. Soms mediteerde hij acht uur op een dag. Aanvankelijk zorgden zijn oefeningen voor mooie ervaringen. 'Na uren mediteren kun je in trance raken. Je hebt het gevoel dat je losraakt van je lichaam en gewichtloos boven de aarde zweeft. Op een gegeven moment voelde ik zelfs dat ik werd opgetild in een kring van lichtwezens. Het gaf mij een trots gevoel. Alsof ik heel wat bereikt had in de geestelijke wereld.'

Maar het bleef niet alleen bij aangename ervaringen. 'Steeds vaker werd ik overvallen door zwaarmoedige en depressieve gevoelens. Ik kreeg ook zelfmoordgedachten. Volgens de boeddhistische leer horen die negatieve ervaringen erbij. Boeddha leerde dat er een harmonie bestaat tussen goed en kwaad, tussen vrede en toorn.'

Lees verder...