Relaties

Zoeken naar onderwerpen in meer dan 100 christelijke websites

transparant.jpg
Open zoekscherm

Het belang van “accountability-relaties’’


 Je hebt iemand nodig,
 
stil en oprecht.
 
 Die als het er op aan komt,voor je bidt en voor je vecht.
 
 Pas als je iemand hebt,
 
 die met je lacht en met je grient.Dan pas kun je zeggen,
 
 ik heb een vriend!

Toon Hermans

Door Ferdinand Bijzet
 
 Steeds meer dringt onder christenen het besef door dat je samen gelooft. En samen geloven betekent dat je elkaar opzoekt, doorpraat over je geloof, elkaar steunt en bemoedigt. In veel gemeenten zijn de leden al lid van een kring of huisgroep - een kleine gemeenschap binnen de grote gemeente. Binnen die kring kijk je naar elkaar om. Maar functioneert een kring ook echt? Deel jij je moeiten, worstelingen en zelfs zonden in een kring? Wie kent jouw diepste gedachten, je angsten en zorgen? Wie kijkt er in de schuilkelders van jouw hart? Heb jij een vriend in jouw leven die voor je bidt en voor je vecht? Die met je lacht en met je grient? Iemand die jouw diepste zielenroerselen kent?

 

 

 Vanuit mijn werk als hulpverlener heb ik afgelopen jaren met vele honderden mannen en vrouwen mogen spreken. Allemaal worstelden ze met seksuele zonden. En allen waren lid van een gemeente. En toch, de meesten streden hun strijd alleen. Vaak in het geheim. Niemand weet het, en niemand mag het ook weten. Bij velen is de angst voor afwijzing zo groot, dat ze hun last liever alleen torsen dan het geheim prijs te geven. `Zouden de mensen nog wel van me houden als ze wisten wat ik gedaan heb?' Dit geldt overigens niet alleen voor zonden op het gebied van seksuele onreinheid. Denk ook aan overmatig eten, drinken, of gokken, liegen, slecht vaderschap, huwelijksproblemen, psychische stoornissen of emotionele problemen als angst, drift .... Problemen die we allemaal herkennen, maar durven we ermee voor de dag te komen bij elkaar? Hoe veilig zijn we als Kerk? In mijn counseling aan de mannen die ik help, vraag ik hen een buddy te benaderen. Dat is een vriend die hen regelmatig eerlijk in de ogen kijkt en bevraagt op de kwetsbare gebieden, maar die ook met hen meestrijdt. Meebidt! Deze stap is voor velen een brug te ver. Dat het goed is erkennen ze, maar de stap zetten durven ze niet.
 
 Mensen hierover veroordelen kan ik niet. Zes jaar geleden nog maar, worstelde ik met onreinheid. Ik beleed het regelmatig aan mijn vrouw. Steeds weer viel ik. Hoewel ik haar mijn zonden achteraf wel beleed, durfde ik juist op die zwakke momenten - vooraf dus - haar niet op te zoeken om met me te strijden.
 
 Op een zondag werd ik aangesproken door een broer uit onze gemeente. “Mooie preek hè’’,zei hij. ,,Maar het mag van mij wel concreter. Neem nu het bekijken van porno. Doen niet alle mannen dat?’’ Volgens mij werd ik vuurrood. Ik wist alleen nog uit te brengen: “Wat knap dat je dit zo zegt’’, maar zeggen dat ikzelf die worsteling ook kende? Nee, dat was een brug te ver. Pas maanden later, inmiddels in vrijheid wandelend, durfde ik hem op te bellen. En nog steeds vind ik het vaak moeilijk om kwetsbaar te zijn. Nog steeds ben ik bang om door de mand te vallen als mijn stille tijd weer eens versloft. Durf ik dat eigenlijk niet goed te belijden aan een vriend. Angst voor afwijzing - door anderen en door God. 
 
 Toch heb ik in de afgelopen jaren ook de kracht leren kennen van openheid. Elke week ga ik een avondje joggen met een vriend. Dan hebben we het over geloof, seksualiteit, man-zijn, vaderschap ... We zijn we eerlijk en kwetsbaar. Wat een zegen om elkaar zo te kunnen opbouwen. Accountability noemen we dat, oftewel, rekenschap afleggen. Dat klinkt misschien wat zakelijk en hard, maar er is juist een zacht en eerlijk hart voor nodig, en de basis ervan is liefde. Hoor in het het woord ‘rekenschap’ maar die vriend die tegen je zegt: ,,Je kunt op me rekenen; ik zal er voor je zijn zonder veroordeling, om samen gezondere, betere mensen te worden.’’ Het is een principe dat de Heer ons zelf leert in zijn Woord! 
 
 Je kunt beter met zijn tweeën dan alleen zijn, want - dat is zeker - samen zwoegen loont. Wanneer twee vrienden samen zijn en een van beiden valt, helpt de ander hem weer overeind, maar wie alleen is en ten val komt is beklagenswaardig, want hij heeft niemand die hem op de been helpt. Wanneer je bij elkaar slaapt, geef je warmte aan elkaar, maar hoe krijgt iemand die alleen slaapt het ooit warm? En iemand die alleen is kan zich niet verdedigen wanneer hij aangevallen wordt, maar met zijn tweeën houd je stand. Een koord dat uit drie strengen is gevlochten, is niet snel stuk te trekken. (Prediker 4: 9 - 12) 
 
 In het gedeelte voorafgaand aan deze verzen ziet Prediker iemand die helemaal alleen is. Hij heeft niemand. Toch werkt hij hard, wordt rijk, ontzegt zich van alles. Prediker concludeert dat dit alles maar een trieste zaak is. Je zou als kopje boven deze tekst kunnen zetten: Alleen zijn is niet goed. Dat geldt in het algemeen, maar ook op geestelijk gebied. Bij een gemeente horen is een eerste stap om geestelijk niet alleen te zijn, maar ik geloof dat we het nodig hebben nog dichter bij elkaar te komen. In dit artikel zullen we vooral inzoomen op de geestelijk principes achter deze verzen. Prediker geeft drie redenen aan voor zijn stelling. We zullen alle drie redenen overdenken. 
 
 Alleen zijn is niet goed .... 
 
 
 1) ....want er is niemand die je overeind helpt
 
 
 
 Prediker gebruikt drie beelden uit de praktijk. Het eerste gaat over samen onderweg zijn. In Israël reisden mensen over het algemeen te voet. Er waren weinig aangelegde en verharde wegen en vaak voerde je tocht door bergachtig land. Het kon gebeuren dat je je verstapte en weggleed. Zo'n misstap begaan was een hachelijke zaak. Tijdens de Tour de France op tv afgelopen zomer, zag ik een coureur langs de rand van een ravijn wegglijden en naar beneden vallen. Er lagen veel losse stenen op de helling en de coureur kwam niet meer omhoog. Gelukkig waren er omstanders die hem omhoog hielpen. Je kunt je wel voorstellen wat er gebeurt als je in zo'n omgeving alleen naar beneden valt… Prediker zegt: als je alleen bent en je valt, wie helpt je dan omhoog? Dat was voor de mensen in zijn tijd een herkenbaar beeld. Maar voor ons vandaag? Wie helpt jou omhoog als je een misstap begaat? In zonde valt? Wie kent je diepste geheimen? Je verkeerde gewoonten die je leven langzaam stukmaken? Heb jij mensen om je heen die je helpen, ondersteunen en je liefdevol omhoog helpen als je gevallen bent? Mensen die de weg naar Vader weten, als jij die weg niet durft gaan uit schuldgevoel en zelfverwijt?Maar stel jezelf ook de vraag: Ben ik een buddy voor de mensen om me heen? Heb ik oog voor de zwakke plekken van de ander? Durf ik een ander uit liefde (en in liefde) te confronteren met de waarheid? Durf ik de vinger op de zere plek te leggen, of vermijd ik dat liever? 
 
 Drie vragen: 
 
 Ben ik een voorbeeld van de Heer Jezus in het overeind helpen van anderen?
 
 Op welke cruciale gebieden in mijn leven blijf ik alleen lopen?
 
 Zijn er gebieden in mijn leven waar niemand iets van weet? 
 
 2) ....want er is niemand die je warm houdt
 
 
 Onderweg zijn betekende in Israël vaak ook onderweg overnachten. De afgelopen koude winter verboden sommige steden in ons land de zwervers zelfs om op straat te overnachten - ze zouden het niet overleven. En Hoewel Israël een zachter klimaat heeft, kan het in woestijngebied 's nachts gevaarlijk koud zijn. Wie houdt je warm als je alleen slaapt? 
 
Dit principe kun je ook geestelijk toepassen. Heb jij mensen aan wie jij je opwarmt? Mensen die je warm maken als je het geestelijk koud hebt? Mensen die voor en met je bidden? Als je geloof je niets meer zegt, zoek je dan de warmte van anderen op? Samen slapen is wel wat anders dan met elkaar over je geloof praten. Ik kan prima over mijn geloof, over het evangelie en over Jezus praten. Ik kan ook nog wel naar voren komen bij een oproep na de preek. Maar durf ik mijn ziel ook open te leggen bij mensen om me heen? De mensen die samen met Jezus het vuur weer bij me ontsteken als mijn passie is gedoofd door schuldgevoel, door schaamte of door andere soorten van strijd in mijn denken?
 
 Zo vaak ontmoet ik mensen die al jarenlang alleen lopen. Ze durven niet eerlijk te zijn uit angst voor afwijzing - vaak ook nog terecht op basis van hun verleden waarin veel afwijzing is geweest. Die geestelijke eenzaamheid voelt intens koud, maar de angst om openheid geven is nog veel groter dan die kou. Toch zou dat niet zo moeten zijn. We zijn er om elkaar warm te maken!
 
 Enkele maanden geleden sprak ik een man die al jarenlang streed tegen pedoseksuele gevoelens. Jaren geleden was hij eens over de schreef gegaan - sindsdien werd hij gemeden. In zijn gemeente voelde hij zich zo eenzaam. Terugvallen deed hij niet meer, dus overeind geholpen worden was niet nodig. Maar hij had wel een warme gemeente nodig. Een gemeente die hem hielp zichzelf te aanvaarden. Een gemeente die hem in zijn eenzame worsteling nabij is en hem opwarmt. Geestelijk werd zijn leven steeds kouder en leek God ook steeds verder weg. Gemeente, waar zijn we? Wie durft er dichtbij te komen? 
 
 Drie vragen: 
 
 Ben ik iemand waaraan anderen zich kunnen opwarmen?
 
 Weten mensen om me heen het ook als ik geestelijk koud ben?
 
 Zoek ik zelf dan de warmte van anderen op? 3 ...want er is niemand die je sterk maakt 
 
 
 Het derde voorbeeld dat Prediker gebruikt, gaat ook over mensen die onderweg zijn. In onherbergzaam land kon je overvallen worden. Denk aan de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. Alleen reizen was gevaarlijk! Ook dat herkennen we. In sommige buurten in Nederland gaan we 's avonds liever niet alleen over straat. Prediker zegt: “Als je alleen loopt en je wordt aangevallen, dan kun je jezelf niet verdedigen." Maar als je met z'n tweeën bent, dan sta je sterk. 
 
 Een fantastisch geestelijk principe. Zo vaak ontmoet ik mannen en vrouwen die alleen knokken. Knokken tegen onreinheid. Knokken in hun ouderschap, knokken tegen karakterfouten als roddelen, liegen, jaloezie, trots - Of mensen die knokken tegen angst en bezorgheid - Oh ja, er zijn wel anderen die er iets van weten. Maar anderen iets over je zwakte vertellen is wat anders dan er met anderen voor knokken! 
 Mannen die hulpvragen bij de Driehoek, de stichting waar ik voor werk, vraag ik om een buddy te zoeken. Die buddy fungeert enerzijds als persoon aan wie ze hun zonden belijden. Een soort biecht. Deze stap is voor de meeste mannen wel te zetten. Maar een biechtpartner is iets anders dan een strijdmakker. Een strijdmakker staat samen met je in de frontlinie. Hij vecht wanneer jij vecht. Hij bidt wanneer jij bidt en is waakzaam als jij uitrust. Een prachtig voorbeeld hiervan zien we in de geschiedenis van Nehemia. De Joodse ballingen waren teruggekeerd uit de ballingschap en werkten aan de herbouw van de muren van Jeruzalem. Vanuit de omliggende volkeren was er veel verzet, bedreiging zelfs. Op dat moment stelde Nehemia twee groepen aan: de ene groep bouwde aan de muur, de andere groep bewaakte de bouwers. Mijn ervaring is dat de meeste christenen liever alleen vechten dan dat ze steun inroepen. Niet omdat ze het niet willen, maar uit angst voor afwijzing, of uit hoogmoed: `Ik moet het alleen kunnen.' Prediker zegt: Zoek een strijdmakker. Alleen red je het niet! 
 
 Twee vragen: 
 
Ben ik me bewust van de strijd die de mensen om me heen voeren? Strijd ik met hen mee?
 
Op welke gebieden kan ik zelf een strijdmakker gebruiken? Laat ik mensen ook echt met me strijden, of gebruik ik ze alleen als biecht? 
 
 Prediker bindt ons drie keer op het hart om toch vooral niet alleen te blijven. Samengevat zegt hij: Help elkaar, verwarm elkaar, vecht voor elkaar. Mijn droom is dat we als christenen veel meer groeien in openheid naar elkaar. Dat we elkaar gaan binnenlaten in de "schuilkerkers" van ons leven. Wat zou het mooi zijn als elke christen één strijdmakker in zijn of haar leven zou hebben. Iemand die (als een vriend) met je lacht en met je grient, voor je bidt en voor je vecht. Wat zou het mooi zijn als dat wederkerig zou zijn. Jij strijdt voor mij, ik strijd voor jou! 
 
 En weet je wat daar nu zo bemoedigend aan is? Als je zo'n vriendschap aangaat in geloof, wil God daarbij aanwezig zijn: `Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden.' (Mattheüs 18:19) Prediker wijst daar impliciet ook op als hij aan het eind van onze basistekst verwijst naar het drievoudige snoer (4:12). Deze tekst wordt vaak toegepast op het huwelijk. Man en vrouw zijn beiden een snoer en God is het derde snoer dat hen bij elkaar houdt, ook in zware tijden. Toch mag je dit beeld veel verder trekken dan het huwelijk; Prediker bedoelt dit voor alle relaties waarin christenen samen optrekken. 
 
 Ik kan me goed voorstellen dat je aan die openheid moet wennen. Het is een heel spannende stap om anderen zo persoonlijk in je leven toe te laten. Het sleutelwoord is `vertrouwen'; maar vertrouwen is een keuze, die te maken heeft met geloof! Zelfs (of juist?!) als je vertrouwen in het verleden beschadigd is door mensen. Vraag God om je te helpen; Hij geeft je geloof en leidt je door zijn Geest. Als je de keuze maakt om weer te gaan vertrouwen, zal het je grote zegen brengen! 
 
 Misschien ben je bang om deze stap te zetten. Vrees je dat mensen op je gaan neerkijken, of je als een probleemgeval gaan zien. Mijn ervaring is echter dat als mensen mij vragen hun buddy te zijn, ik daar juist groot respect voor heb. Wat vind ik het fijn om iets voor een ander te kunnen betekenen. Wat heb ik een respect voor mannen die de moed hebben om kwetsbaar te zijn. Voor vrouwen die een ander toelaten in hun binnenkamer. Oké, je loopt een risico. Maar aan de andere kant, zou jij iemand afwijzen die bij jou kwam? Wees Jezus ooit iemand af die met zijn zonden bij Hem kwam? Juist in een gemeente moet het veilig zijn om kwetsbaar te zijn! 
 
 Enkele jaren geleden vertelde een man uit mijn groep het volgende verhaal: `Ik wist dat ik een buddy nodig had, maar durfde het niet. Toch voelde ik wel dat ik alleen niet verder zou komen. Ik liet me door Gods Geest overtuigen en heb de adressenlijst van mijn gemeente gepakt. Biddend heb ik bij alle mannen die mij geschikt leken, een kruisje gezet. Ik zocht naar mannen die geestelijk net wat verder waren dan ik. Uiteindelijk bleven er drie namen over. Ik heb toen juist diegene uitgezocht die ik het minst goed kende. Ik heb hem opgebeld en over mijn probleem verteld en hem gevraagd mijn buddy te worden. We komen inmiddels wekelijks samen en het is een grote zegen.' 
 
 Dit soort getuigenissen hoor ik vaker. Mannen zien vaak op tegen de stap, maar zijn zo blij als ze hem zetten! 
 
 Mocht je een strijdmakker kunnen gebruiken, overweeg dan de volgende stappen:
 
 1) Ga biddend op zoek naar een geschikte kandidaat. Vaak zoeken we een lotgenoot, maar het helpt wanneer we juist iemand zoeken die een paar stappen verder is dan wij. Niemand kan een ander verder helpen dan dat hij of zij zelf gekomen is.
 
 2) Ga uit van het principe dat een strijdmakker iemand van hetzelfde geslacht moet zijn, naast je eigen partner. Strijdmakkers van het andere geslacht vormen een gevaar.
 
 3) Vraag de ander of hij voor een bepaalde periode je strijdmakker wil zijn en bespreek eerlijk je verwachtingen.
 
 4) Bel of ontmoet elkaar geregereld (b.v. eens per week) en bevraag elkaar op je zwakke plekken. Bid voor elkaar als je gestruikeld bent. 
 
 5) Spreek af dat je de ander zult bellen als je het moeilijk hebt. Als je bijvoorbeeld worstelt met vreetbuien, bel de ander dan op het moment dat je je zwak voelt.6) Evalueer regelmatig.
 
 7) Extra tip: Je kunt zo ook rekenschap afleggen van je stille tijd en je ontdekkingen met elkaar delen. 
 
 Ferdinand Bijzet is als relatie- en gezinstherapeut werkzaam bij Stichting de Driehoek te Amersfoort. Daarnaast is hij als coördinator betrokken bij www.settingcaptivesfree.com. Ook is hij betrokken bij de huwelijks- en mannenconferenties van Herstel. 
  
 
Dit artikel is een uitwerking van de lezing die Ferdinand op het Man-Vader Weekeind 2009 hield.
 
 De formulering van de drie principes zijn ontleend aan een preek van ds. J.J. Meijer uit Hardinxveld Giessendam.